zaterdag 17 augustus 2019

Aantekeningen over Taniguchi 3

Benoit Peeters (die een boekje met interviews met Taniguchi schreef) stelde in een uitzending van France Culture dat Taniguchi verder ging op het pad dat Herge was ingeslagen met Kuifje in Tibet.


Kuifje in Tibet is niet alleen de meest contemplatieve uit de reeks, het is ook de enige Kuifje die niet zozeer om een reis draait, maar om een wandeltocht. En bovendien: een wandeltocht door de sneeuw, door grote witte vlakten, waardoor de reis a.h.w. 'innerlijk' wordt.

Het 'Kuifje-Manga'-procedee van McCloud (zie mijn eerdere post) wordt hier omgedraaid. Het poppetje is omgeven door een ruimte die wit is. Leeg.

Aantekeningen over Taniguchi 2

Ondanks de overeenkomsten met Ozu zijn de strips van Taniguchi niet zozeer filmisch (zoals veel Manga die, zoals McCloud stelt in hun decoupage vaak filmischer dan de Europese strip en de Amerikaanse comic zijn), maar eerder romanesk.



Het gebruik van een eerste-persoon voice over is natuurlijk ook gebruikelijk in de Amerikaanse comic, maar de toon van Taniguchi's verteller is anders. Reflecterend. Contemplatief. Het is niet de voice-over van een belevend ik, noch die van een noir-achtige ingebedde verteller. De 'ik' is eerder meditatief op een Proust-achtige manier: terugkijkend, overwegend. Maar waar Proust's Marcel wel gegrepen is door het verleden, maar nochtans op afstand blijft, daar bevindt Taniguchi's protagonist zich in het verleden.

In het fragment hierboven stelt Taniguchi's protagonist dat de kindertijd nooit verdwijnt: "l'enfant que nous avons ete est toujours la, bien vivant tout au fond de nous," maar aanwezig blijft zoals de lucht. "Il est comme le ciel." En de lucht, zo voegt Taniguchi eraan toe, is iets dat we normaal niet zien - waarvan we ons alleen bewust zijn als we het verleden herbeleven.

De lucht is een sleutelmotief in Taniguchi's oevre. In l'comme qui marche:



De lucht is voor Taniguchi iets dat we zien in een moment van rust, van contemplatie. Het wordt zichtbaar in die momenten waarin de strippagina zijn chronologie lijkt te verliezen en geen verhaal meer vertelt, en tot stilstand komt.

"Le ciel est mystérieux. C'est comme il est immuable; au-dela des hommes, au-dela du temps."

Waar de lucht met stilstand - of liever tijdloosheid - te maken heeft, daar wordt het grafisch met leegte in verband gebracht. De lucht is ground en nooit figure.  De lucht is het onbetekende en onbetekenende gedeelte van de pagina.

"Et si c'était ca, l'éternité, un simple ciel?"




Aantekeningen over Taniguchi (1)

Jiro Taniguchi is niet alleen de Ozu van de Manga vanwege de vele 'still life' momenten in zijn strip (net als Ozu lijkt hij met name in verstilling geïnteresseerd), maar ook vanwege de thematische concentratie op de familie. Maar in tegenstelling tot Ozu is Taniguchi met name in herinneringen geïnteresseerd.


 In Quartier Lointain (zijn populairste werk, in ieder geval in Frankrijk) keert het hoofdpersonage na een treinreis (onverwacht) terug naar het verleden. Hij herbeleeft zijn jeugd, maar doet dit op een 'dubbele' manier: d.w.z. hij kijkt niet zozeer terug, maar ervaart zijn jeugd daadwerkelijk via het lenige, krachtige lichaam van een tiener. Tegelijkertijd blijft hij het intellectuele bewustzijn van een veertigjarige houden.

Het lijkt of deze 'dubbele' blik een specifieke stripblik is. I.t.t. literatuur zijn herinneringsbeelden in strip nooit helemaal 'mentale beelden' - d.w.z. ze zijn 'objectief' weergegeven in plaatjes. Maar i.t.t. cinema zijn de stripplaatjes ook nooit volledig 'objectief' - ze zijn tenslotte getekend, en daarmee ontsproten aan een verbeelding. Striptekeningen kennen daardoor het 'dubbele' perspectief dat het verhaal probeert op te roepen: beelden die zowel 'direct' zijn, als bemiddeld door een zich herinnerend bewustzijn.

Bij Taniguchi wordt deze spanning versterkt door het uitvergroten van een typisch Manga-stijlprocedee. Zoals Scott McCloud al liet zien in Understanding Comics, in veel Manga (maar bijvoorbeeld ook in Herge) zijn de personages sterk geschematiseerd, terwijl de achtergronden gedetailleerd zijn. McCloud stelt dat de poppetjes daardoor als het ware gaan functioneren als 'avatars': ze zijn deiktisch, en vertwoordigen de lezer in de strip. Hij vergelijkt het met maskers.




In Taniguchi's werk ontstaat er een bijna ontologisch verschil tussen de rondlopende figuur en de achtergronden omdat hij bij de achtergronden op een soms zichtbare manier gebruik maakt van fotomateriaal.

Het is geen toeval dat de strip opent met een treinreis. Het treinraampje biedt immers bij uitstek het spektakel van een landschap waarin je blik verglijdt zonder dat je er zelf, lichamelijk, doorheen wandelt. (En wandelen is natuurlijk het andere belangrijke thema in het oeuvre van Taniguchi).








maandag 12 augustus 2019

ook meta.....

... lijkt me de film A Silent Voice (Naoko Yamada, 2016). Thematisch gaat het over pesten, handicap, spijt, etc. etc. Maar qua vormgeving gaat het over spanning tussen stem, schrift, tekening.

Leuk aan de film is dat doofheid visueel wordt weergegeven door gebruik te maken van de (nu ouderwetse) techniek van limited animation: een personage beweegt tegen een achtergrond die stil lijkt te staan, waardoor zijn geisoleerdheid voelbaar wordt. Deze techniek is ook bij uitstek manga-achtig: meer 'schriftelijk' dan 'gesproken.'

Otomo's Steamboy (grotendeels cell animation), is ook weer (vanzelfsprekend) meta. 

vrijdag 12 juli 2019

Tijdreisliefdesfilms

Ik heb net een erg leuke scriptie gelezen over Japanse 'tijdreisliefdesfilms,' films als Your Name, of My Tomorrow, Your Yesterday, of One Week Friends, waarin het koppel ontstaat vanwege een bizarre premise: een body-swap (Your Name) of malle situatie waarin de twee personages tijd op een andere manier beleven (My Tomorrow), of in een loop terecht komen (The 100th Love with You)


De scriptie stelt (overtuigend vind ik), dat deze films i.t.t. de films uit een westerse traditie niet zozeer gaan over de hindernissen die moeten worden overwonnen, maar dat ze een raar sci-fi gegeven gebruiken om liefde als iets mogelijks af te beelden.

Het is, volgens mij, ook geen toeval dat de meeste van deze films adaptaties zijn van manga's of anime series. De serialiteit van Manga betekent dat, narratief gezien, de tijd stil moet komen te staan, zodat de premise zelf nooit opgelost kan worden.

Net als TV-sitcoms draaien om conflicten die zich nooit helemaal oplossen, daar heeft de romantische manga een manier gevonden om het romantische moment - het ontstaan van een koppel - vast te houden en niet te laten oplossen in een narratief met een einde.

woensdag 12 juni 2019

Pinokkio

Disney's Pinocchio is de Rear Window onder de animatiefilms: enerzijds een klassieke tekst, anderzijds een volledig zelfbewuste reflectie op 'animatie,' de illusie van leven die heen en weer pendelt tussen het artificiele (de techniek van Gepetto) en het magische (de fee), tussen goochelen en illusionisme, maar ook tussen een 'aethetics of attractions' en eentje van 'illusion of life.'
Pinocchio beweegt zich ook tussen verschillende terreinen: speelgoed, circus, kermis - en hij is (letterlijk) een attraction. Tegelijkertijd verwijst het naar de tekenstijlen van de romantiek, en het is een verhaal waarin de kijker zich verliest.


Geestig is dat Astroboy begonnen is als een 'herschrijving' van Disney's Pinokkio (Tezuka had al een grafische roman uitgebracht die erg op Disney's Pinokkio leek). Maar Astroboy is geen marionette, maar een robot. Tezuka introduceert daarmee een ander paradigma (naast magie, circus, speelgoed) om de vraag over de 'anime' van 'animatie' te stellen. 



Ghost in de Shell - dat ontstond op de rand van de paradigmawisseling die ingeluid werd door de opkomst van digitale animatie - is ook een metatekst. Het stelt, als Blade Runner, de vraag vanaf wanneer we iets herkennen als 'geanimeerd.' Maar waar bij Pinokkio en Astroboy de relatie kind-ouder centraal staan, draait het in Ghost om de ultieme otaku-vraag: hoe wordt een object tot object van verlangen?